Zondag, 25 januari 2026
Zondag, 25 januari 2026
Vanochtend is het opnieuw tot vorst gekomen dankzij de opklaringen. Het resultaat was een flink berijpte omgeving waardoor het weer een uitgelezen moment was voor natuurfotografie. Door de rijp zag het er winterser uit dan het
was, want minima van -1,1 graden zijn nu niet meteen Siberisch te noemen. Op grondniveau maakte Thialf dan weer meer indruk met -4,8 graden dus wie nog ergens een plantje heeft laten buiten staan zal er zeker en vast een kruis over mogen maken. Het heldere en zonnige weer waar we ondertussen bijna aan gewend zijn geraakt werd echter bedreigd, want op de satellietbeelden zagen we een storing naderen
vanuit het zuidwesten. Deze leek nog op veilige afstand te zitten en op basis van de infraroodbeelden zou men denken dat we nog tot het begin van de namiddag tegoed hadden wat zonneschijn betreft. Maar voor die storing uit zat er een veld met lage bewolking en dat zat al een stuk dichterbij. Nog maar net was de zon op en we zagen de eerste Stratocumulusvelden verschijnen. Eerst waren dat fraaie exemplaren met verschillende evenwijdige rollen die in het zuidwesten verschenen en van zuidoost naar noordwest liepen. Daarna verschenen er dan scherp begrensde Stratocumulusvelden en nog wat later ging de boel over in Stratus nebulosis. Hier kon de zon eerst nog zwak doorheen
schijnen maar de bewolking werd snel dikker en het vervolg was sombere kilte. Warmer dan 3,3 graden werd het niet meer en de bewolking vertoonde verschillende keren vergeefse neigingen om weer open te breken, het bekende frustratiegevoel dat we ons nog van eerdere Stratusdagen konden herinneren. Smeltende rijpkristallen lieten ondertussen 0,2 mm achter in de pluviometer wat ook het dagtotaal zou worden. Tegen het einde van de namiddag loste de bewolking dan toch nog op vanuit het zuidoosten al bleven deze opklaringen ten zuidwesten van ons steken. De zon kwam er net een graadje boven te staan en het was dus duidelijk dat we in de schaduw waren blijven zitten als dit een paar weken eerder was gebeurd en de zon dus nog een
graadje lager stond. Maar de zon was al bijna onder en het gaf ons dus slechts enkele minuten warmte (en opbrengst van de panelen). De opklaringen lieten dan ook een neerwaartse afwijking op de grafieken zien in plaats van een piek in de temperaturen. Later op de avond zagen we het kwik plots een paar graden oplopen wat overduidelijk door een dikke pluk Stratus kwam, doch het effect was van korte duur en de temperatuur zakte weer gestaag naar beneden waardoor we nog ruim voor middernacht weer onder het vriespunt doken.





Reacties
Een reactie posten